Saskia: 'Dit is de fijnste plek op aarde!’

Tien jaar geleden kochten Saskia en haar man een vervallen boerderij in het Noordoosten van Frankrijk. Met weinig bouwervaring, maar met veel moed en energie én de hulp van familie en vrienden, maakten ze van ‘niet meer dan muren en een dak’ een tweede thuis.

Saskia (40): ‘Ons huis ligt in de buurt van Dijon, in een vriendelijk glooiend heuvellandschap met veel riviertjes en bossen. Je zit daar echt op het boerenland en krijgt er gelijk een gevoel van rust en ruimte. Toen wij ons huis kochten was er in het gebied heel veel leegstand; er waren veel verlaten boerderijen. Inmiddels is dat een stuk minder geworden.’

Energie
‘Dat we een tweede huis kochten, kwam eigenlijk door een opeenstapeling van omstandigheden. We waren het helemaal niet van plan. Tijdens één van onze fietsvakanties logeerden we bij vrienden die jaren daarvoor in dat gebied een huis hadden gekocht. We wilden maar één nachtje blijven, maar bleven er uiteindelijk drie of vier, omdat we daar zo tot rust kwamen. We hadden altijd gedacht: een tweede huis is voor ons niet weggelegd. Dat kunnen we helemaal niet betalen. Toen die vrienden vertelden hoe het was gegaan met hun tweede huis, bleek dat het allemaal best betaalbaar was.
Daar komt bij dat we op een punt in ons leven waren beland waarop we dachten: misschien komen er binnenkort kindjes en dan is het gedaan met de fietsvakanties. Dan is het misschien heel erg leuk als je je energie kunt steken in het verbouwen van een huis. Een huis op een geweldige plek, óók voor de kinderen.’

Giechelig
De heuvels in Bourgondië‘Die herfst zijn we, mét een lijst van de makelaar met huizen die te koop stonden, een beetje gaan rondrijden in de omgeving. Zo reden we ook tegen dit huis aan. We waren gelijk heel nieuwsgierig en zijn toen in de buurt wat gaan rondvragen. Uiteindelijk kwamen we bij de burgemeester van het dorp terecht en die heeft ons in contact gebracht met de eigenaars.
Ik weet nog dat we op zaterdagochtend giechelig in de auto stapten. Zo van: Haha, misschien gaan we wel een huis kopen. Op zondagavond gingen we naar huis met een voorlopig koopcontract op zak.’

Niet meer dan muren en een dak
‘Wat we hadden gekocht was een 250 jaar oude boerderij die al meer dan dertig jaar had leeggestaan. Er zat helemaal niks in: geen riolering, geen sanitair. De vloer bestond uit aangestampte aarde waar zelfs koeien op hadden gestaan. Eigenlijk was het niet meer dan muren en een dak. Maar het dak was redelijk en de muren zijn kaarsrecht. Die hebben ze destijds zo mooi gebouwd.
Omdat het huis van alle kanten tochtte, was het heel droog van binnen; de boel was niet vermolmd of verrot. Dat het helemaal leeg was, was alleen maar prettig. Dan kun je het allemaal zo neerzetten als je het hebben wil.’

‘We konden niet wáchten’
‘Bouwervaring hadden we niet. Daarom hebben we ons laten adviseren door bekenden die die ervaring wel hadden. Met mijn vader hebben we de eerste plannen gemaakt. Hoe gaan we de riolering aanleggen? Waar komt de badkamer?
Wat we wél hadden, waren de energie en de moed om beton te storten, muren te bouwen, een badkamer aan te leggen en ga zo maar door. Daar zijn we ook meteen mee begonnen. We konden niet wáchten! In dat eerste jaar zijn we twaalf keer een weekend naar Frankrijk gegaan, want we wilden natuurlijk onze eerstvolgende zomervakantie in ons nieuwe huis doorbrengen. Voor die tijd moesten we in ieder geval een badkamer bouwen en zorgen voor stromend water. Dan kun je aan de slag.’

Enorme maaltijden
‘En zo is het ook gebeurd. Na één week zomervakantie konden we douchen. We hebben een keukentje geïmproviseerd en een vloertje getimmerd, waar ons bed op kwam te liggen. Toen kon het grote werk beginnen. Dat betekende: zoveel mogelijk mensen uitnodigen, ze goede maaltijden beloven en dan met z’n allen aan de slag. In dat eerste jaar hadden we vaak tien of twaalf gasten. Die zetten dan hun tentjes op in onze tuin, gingen van elf tot vier als beesten aan het werk, en daarna gingen we met de hele groep naar het zwembad of lekker luieren in de tuin. Ik was inmiddels zwanger en kon niet meer betonnen. Maar ik stond dan uren in de keuken om enorme maaltijden te bereiden. Zo hebben we telkens in heel korte perioden een hoop werk verricht. En het was nog verschrikkelijk gezellig ook.’

Franse buren
‘Ons huis ligt niet ergens in the middle of nowhere, maar in een dorpsstraat. Dat is een heel bewuste keuze geweest. Een afgelegen huis is veel inbraakgevoeliger. Bovendien is ons idee van een huis in Frankrijk ook leven mét de Fransen, het hebben van Franse buren waarmee je op straat een praatje maakt. Onze nieuwe buren en overburen vonden het prachtig: een stel van die eigenwijze mensen die in hun vakantie een riool gaan graven. Ze waren en zijn ook altijd bereid te helpen. Dat zal ook te maken hebben gehad met het feit dat we ons huis kochten in een periode dat de omgeving aan het verpauperen was. Ze zullen hebben gedacht: gelukkig, weer een huis in de straat waar iets aan wordt gedaan. Wat denk ik ook scheelde, is dat we alle materiaal en alle spullen die we nodig hadden dáár hebben gekocht en niet van alles meenamen uit Nederland. Daarmee kweek je een hoop goodwill.’

‘Wij graven ook niet’

Het tweede huis van Saskia in Frankrijk‘Wij hebben de hele verbouwing in eigen hand gehouden en alles zelf geregeld. Het helpt dan wel als je de taal goed spreekt. De elektriciteitsman bijvoorbeeld ging van ons verlangen dat we ongeveer vijftien meter gingen graven en dat ook nog eens onder de dorpsriolering door. Maar omdat mijn Frans zo goed is, kon ik gewoon zeggen: “Luister, ’t is goed met je. Bij de buren gaat het via het dak; die hebben niet hoeven graven. Dus wij graven ook niet.” Dan krijg je ’t wel voor elkaar. Als we ons afvroegen hoe we iets moesten aanpakken, gingen we eerst bij onze Franse buurman te rade. Zo weet je snel je weg te vinden.’

Goedkoop
‘Ik denk dat wij jaarlijks minder kwijt zijn aan dit huis dan wat een ander kwijt is aan twee weken huur van een vakantiehuis. We betalen voor water en elektriciteit, en we verspijkeren wat we ons kunnen veroorloven. Dat is het ene jaar 1000 euro en het andere 3000. Hebben we het geld niet, dan doen we dat jaar gewoon wat minder.
Wat de belastingen betreft betalen we een soort ingezetenenbelasting die gebaseerd is op het feit dat het gaat om een ‘residence secondaire’. Daar zijn ze in Frankrijk eigenlijk heel netjes mee, want ook de afvalheffing is gebaseerd op het feit dat het een tweede huis is. Dat maakt het allemaal vrij goedkoop. Daarnaast is er nog een soort dorpsbelasting. Radio of tv hebben we niet. We zijn wel redelijk goed verzekerd. In die tien jaar hebben we toch aardig wat geld en werk in het huis gestoken. Gelukkig houden de buren een oogje in het zeil. Toen er een aardbevinkje was geweest, zijn ze gelijk even gaan kijken en hebben ze ons gebeld om te zeggen dat alles oké was.’

Heimwee

‘Toen we begonnen, zeiden we al dat het een tien tot vijftien jarenplan zou worden. We zijn nu tien jaar verder en het huis is bijna af. Alle grote klussen zijn gedaan. Dat komt goed uit, want onze kinderen worden groter en dan is het leuk als je ook andere dingen kunt gaan doen. De eerste twee jaar waren we hele dagen bezig met klussen. De laatste jaren klussen we nog maar een uurtje of drie, vier per dag en verder doen we andere dingen of maken we uitstapjes. Zowel voor ons als voor de kinderen is het de fijnste plek op aarde. We gaan zo’n drie keer per jaar, en in de winter hebben we heimwee naar het huis en naar die plek.’

‘Je trekt een fles wijn open…’
‘Kijk, als je niet de energie hebt en je wil in je vakantie vooral uitrusten, dan moet je niet aan zo’n project beginnen. Maar wij hebben dit ook gedaan juist omdát we zoveel energie hadden. Het heeft ook met je instelling te maken. Sommige mensen willen niet in de zooi zitten, want dan hebben ze niet het gevoel dat ze op vakantie zijn. Maar ik vind: je veegt het terras schoon, zet een tafeltje neer, trekt een fles wijn open en de vakantie is begonnen.’